De Generaal | |||||
Ik sta met twee gevouwen vlaggen in mijn hand terwijl de vlag van mijn collega als eerste wordt gehesen. Het is een plechtig moment waarvan ik me afvraag hoe Amerikaanse kinderen dat ervaren iedere schooldag weer. Voor mij is het de eerste keer. Ik heb geen tijd voor mijmeringen want onze instructeur maant ons voort te maken, er moeten nog zes vlaggen worden gehesen rond het hoofdveld. Braaf lopen we achter de man aan die verantwoordelijk is voor het vlekkeloos verlopen van de zaterdag jeugdcompetitie voetbal. Als het goed is wordt deze beroepsvrijwilliger iedere zaterdag bijgestaan door twee ouders van de jeugdige voetballertjes. Dus ging bij mij vanochtend om 7 uur de wekker en loop ik door het bedauwde gras naar de volgende mast. Als de Generaal, zoals ik hem in gedachten noem, ervan overtuigd is dat het de twee moedertjes gaat lukken met de vlaggen, verdwijnt hij richting kantine waar wij ons zo ook moeten melden. Bij binnenkomst staat de man zorgelijk op zijn horloge te kijken want er ontbreekt een kantinevrijwilliger die er al lang had moeten zijn. Over een half uur zullen er tientallen duffe ouders met koffiebehoefte aan de bar verschijnen. Ik bied mijn hulp aan en kijk de kunst af van de ervaren kantinevrouw. Ik moet koffiefilters vullen en klaar leggen zodat er continu koffie gezet kan worden wanneer de klanten geholpen worden. De andere moeder is door de Generaal meegenomen naar de kleedkamers waar ons onbekende taken wachten. De vrouw van de Generaal komt binnen om de ontbrekende kantinejuffrouw te vervangen zodat ik in de kleedkamers aan de gang kan. De Generaal houdt een verhaal over limonade, warme thee en indelingen van de kleedkamers en voor ik het weet komen er drommen gedesoriënteerde kinderen met hun ouders door een gangetje naar binnen die van mij willen weten in welke kleedkamer ze moeten zijn, waar ze die kunnen vinden en waar het veld is waar ze op spelen. De nummering van de kamers heeft een logica die me na een kwartier pas duidelijk is en het duurt ook even voor ik door heb dat K het kunstgrasveld is, R het rugbyveld en V3 het hoofdveld. Mijn collega loopt intussen heen en weer met plastic bekertjes en een jerrycan limonadesiroop. Na een half uur hectiek, zijn een aantal optochten van identiek geklede voetballertjes vertrokken naar de velden en lijkt de rust weer te keren. Ik snak naar een kop koffie. Geen tijd. De voetballertjes komen zo weer terug naar de kleedkamers in de rust van hun wedstrijd. De speelduur is afhankelijk van hun leeftijd en ook het aantal spelers in het veld. F-jes spelen korter dan E-ers en C-ers en de jonge spelers voetballen op een half veld met 7 man terwijl de ouderen met 11-tallen spelen. De moeder met wie ik graag had bijgepraat onder het genot van een bakje koffie probeert het me uit te leggen terwijl ik achter haar aandraaf met een grote kan ranja. "Hier zitten F-jes die met z"n zevenen zijn en daarom 10 bekertjes nodig hebben maar ze delen de kleedkamer met een ander team dus dat zijn 20, de volgende zijn C-ers die zijn met 11, dus 15 bekers die we zo gaan vullen met thee..." Het duizelt me. Twee uur later heb ik 15 liter limonade aangelengd, 10 liter thee gezet van 8 theezakjes en een halve kilo suiker, een boze coach gesust, twee vuilniszakken rotzooi verzamelt en een kapotte knie van pleister voorzien. Ik ben bekaf. De aflossing meldt zich bij de Generaal en met respect nemen we afscheid van hem en de andere vrijwilligers. | |||||
| |||||