Schoolreisje

slechtmindernormaalgoedbest


Ik controleer nogmaals of de inhoud van mijn rugzakje schoolreisje-proof is. Ik heb zonnebrand en zalfjes tegen prikbeesten, schrammen en builen en daarnaast nog een collectie pleisters en verband. Bovendien heb ik koekjes en een regenjack dus kunnen we gaan.
Elise staat al ongeduldig naar de klok te kijken want we moeten eerder dan normaal weg. Nog mazzel dat we op tijd wakker waren, Elise is al weken doodmoe. Nu het dan eindelijk zomer is branden de activiteiten los, avondvierdaagse, sportdag, juffendag, muziekuitvoering, en schoolreisje. Had je kind twee weken geleden nog nergens last van, over een week is het zeker aan vakantie toe.
Ik ren met kind en al het huis uit en bedenk me dat ik me door de haast niet heb opgemaakt. Pech, het zal de kinderen niet opvallen. We zijn op tijd, de kinderen van groep 5 stromen de klas in met piepkleine en grote tassen. De inhoud varieert van een verantwoorde appel tot winterjassen, knutselspullen, knuffels en heel veel zakken snoepgoed.
Juf probeert nog verstandige dingen te zeggen tegen de kinderen die niet luisteren terwijl ik aan het oefenen ben op de namen van mijn groepje. Drie jongens en drie meiden die volgens mij helemaal niets met elkaar hebben. Er zal wel iets pedagogisch achter zitten. We lopen achter juf aan terwijl ik tot zes probeer te tellen. Dat valt nog niet mee. Iedereen rent door elkaar en de ouders die als een erehaag aan weerszijden van het pad staan maken foto’s.
We gaan de bus in en ik wil al bijna op de stopknop drukken wanneer ik mijn laatste schaapje met een rood hoofd vanonder een stoel zie kruipen. Snoepje gevallen. De bus zet zich in beweging en wij zwaaien naar ouders die glazig kijkend terugzwaaien omdat ze ons niet kunnen zien achter het getinte glas. De kinderen beginnen subiet met een snoepruilactie. Het meisje met Adhd verruilt verantwoorde apenkoppen tegen gekleurde spekjes en drie chips levert een Engelse drop op. Het is best gezellig hoewel ik wel een kopje koffie zou lusten en hoofdpijn op voel komen.
Bij het park aangekomen lukt het me om binnen een minuut mijn jongens kwijt te raken en bovendien verdwijnt mijn dochter uit zicht met een ander groepje. Ik sta te schreeuwen als een viswijf en mijn dochter komt geschrokken huilend de hoek weer om. Ik besluit dat ik een hele dag heb om de jongens te vinden en vol goede moed beginnen we aan het eerste pretparktuig.
Dat valt reuze mee. Een bootje wat van een waterval gestort wordt. Je wordt nat maar dat geeft niet. Ik heb inmiddels drie andere kinderen uit de klas gevonden en voel me net een gans waar kuikens achteraan rennen. Dat is de reden dat ik voorop de achtbaan in ga en herontdek dat dat niet mijn ding is. Ze willen nog een keer. Toe maar, ik zit bij dat tafeltje. Gauw even een paracetamol uit mijn schoolreistas opdiepen en weg spoelen met een cappuccino. Geen idee waar de rest van de klas is.
Nu ik heb opgegeven dat ik iets in te brengen heb laat ik me door een van samenstelling wisselende groep leiden tot het moment waarop we de obligate patat mèt te eten krijgen. Mijn jongens komen met onschuldige gezichten aanschuiven, ze zijn ten slotte al negen, dus.
De middag wordt een herhaling van de ochtend hoewel er steeds meer kinderen zijn die lichtgroen met zweet op de neus gapend rondlopen. Er wordt een bloedneus gestelpt en een pleister op een knie geplakt en na drie keer tellen hebben we alle kinderen weer te pakken voor de bus arriveert.
Gedwee laten de kinderen zich de bus indrijven en sommigen slapen al zodra ze gaan zitten.
Volgend jaar weer.

vorige:Autoblues
volgende:Kwijt